Mijn Griekse familie.

Tags

, , , , , ,

Zondagmiddag 12 juli 2015. Er wordt verwoed vergaderd over het lot van de Grieken. Vergaderd door niet-Grieken over Grieken. Hoe voelen de Grieken zich?

Vorige week heeft 61% van de Grieken tegen een akkoord met de EU gekeerd in een referendum. En nu, een week later is de wereld veranderd. Sterk veranderd. Tsipras heeft ingestemd met ongeveer alle eisen en heeft er hier en daar nog een schepje bovenop gedaan. Het werd duidelijk dat nog langer wachten Griekenland echt aan de rand van de afgrond zou brengen. Trots, vrij maar totaal berooid. En uiteindelijk niet meer trots en vrij? Hmm, geen enkel land is vrij als je vrijheid definieert als onafhankelijk.

Er zijn wat dingen misgegaan in de afgelopen maanden vanaf de overwinning van Syriza. De gedachte alles anders te gaan doen was oprecht prachtig. Tsipras straalde een optimisme uit dat hoort bij mensen die geloven in absolute maakbaarheid. Gewoon opnieuw beginnen. Opruimen. Een nieuwe situatie maken. Probleem is alleen dat het leven maakbaar is met gebruik van alles wat er al is en in omstandigheden die je aantreft. Je begint nooit zonder geschiedenis.

Zo is er in Griekenland de geschiedenis van grote groepen met belastingvrijstelling. Van economisch verkeer zonder belastingafdracht. Van een land zonder al te veel natuurlijke hulpbronnen. Van een land zonder industrie van betekenis. Het enige exportproduct van enige waarde is de import van toeristen. En dan heb je het wel gehad.

Zo is er ook de geschiedenis van de rest van Europe dat al €350 miljard in Griekenland heeft gestoken onder de belofte dat het allemaal wel terug zou komen.

Zo is er ook de geschiedenis van alle eerdere afspraken die niet zijn nagekomen.

Als je dan als regeringsleider denkt dat je, omdat je nieuw bent, alle eerdere afspraken eenzijdig op kunt zeggen en een lange neus kunt trekken naar alle Europeanen die echt geld hebben gegeven aan je, dan ontbreekt er iets aan je kritisch vermogen.

Varoufakis had gelijk. Speltheorie is een goed analysemiddel om onderhandelingen te analyseren. De chicken game situatie waarin Griekenland en de EU zich bevonden is waarheid geworden. Uiteindelijk heeft Griekenland als eerste op de rem getrapt en toegegeven. Dat had hij waarschijnlijk niet voorzien.

Hoe nu verder?

De power play vanuit de EU heeft gewerkt. Tsipras is genormaliseerd, gedisciplineerd en mag nu weer een beetje meepraten. De apenrots heeft gewerkt en duidelijk is wie de Alfa mannetjes zijn. Tsipras moet wel in Griekenland uitleggen hoe het vrije en trotse volk ergens tegen stemt wat een week later realiteit wordt. Hoe leg je dat uit zonder gezichtsverlies?

Het zijn geen vrolijke tijden voor Europa. Europa waar ik enthousiast inwoner van ben. Ook niet voor Griekenland. Dat mooie land met die fantastische mensen.

De EU moet nu onder ogen zien dat het geld nooit meer terugkomt. Dat het het best is grote delen van de schuld kwijt te schelden. Moet ook eisen dat de normale Griek z.s.m. geholpen wordt om weer op eigen benen te staan. De EU moet onder ogen zien dat er landen zijn waar altijd geld naartoe moet. Waarom dat moet?

Gewoon omdat je familie nooit in de steek laat.

De Grieken in de steek gelaten: revisited

Met verbazing het nieuws over Griekenland gevolgd. De plek waar ooit, naar eigen zeggen, de democratie is uitgevonden. Waar de democratie opnieuw wordt uitgevonden.

Eerst is er het oude sleetse stelsel waarbij via democratische verkiezingen een nieuwe partij aan de macht komt. Een partij die fel anti-Europesche instellingen is. Die met dat standpunt ook de grootste wordt en vervolgens een regering vormt. Twee charismatische mannen die als blikvanger fungeren. Tsipras en Farouvakis. Hup, de boer op, Europa in en daar op een gesloten bastion stuiten.

Tot zover normale politiek zou ik denken. Politiek is het organiseren van macht zodat je je standpunten door kunt drukken. In dat proces win je wat, verlies je wat, loop je tegen elkaar op en uiteindelijk komt er altijd iets uit. Voor de speltheoreticus Farouvakis interessant en bekend terrein.

En nu, na maanden soebatten en de wereld afreizen is er een nieuwe vondst! Het referendum, het plebisciet.

Hoe wordt het verkocht?

Grieken zijn een trots en sterk volk dat zelf kan besluiten wat goed voor hen is. Griekenland moet terug naar de oude staat van een zelfbewuste trotse sterke natie van vrije burgers. Wij zijn niemands slaaf, wordt geroepen. En dus zijn met ingang van vandaag de banken dicht en wordt er komende week een referendum gehouden.

Wat is de werkelijkheid?

Een stel incompetente idealisten is aan de macht gekomen in Griekenland. Niks mis mee. Iedereen begint incompetent en aan idealisten ontbreekt het meestal. Leer snel, weet wat je per sé binnen wilt halen en waar de ruimte zit. Beweeg mee met de oude wereld om te vernieuwen. Dát is allemaal niet gebeurd. De heren zijn steeds stijver in het pak gaan zitten. Zover dat men niets anders meer weet te verzinnen dan een referendum.

De boodschap aan het volk is deze:

“Jullie hebben massaal op ons gestemd. Jullie dachten dat wij verandering zouden brengen, verandering die hard nodig is in Griekenland. Wij zijn met optimisme en veel lawaai Europa ingetrokken met jullie mandaat. Het is ons niet gelukt vrienden te maken. Het is ons niet gelukt jullie te vertegenwoordigen. Dus moeten jullie het zelf maar uitzoeken en ons vertellen wat we moeten gaan doen. Op eigen houtje, met het democratisch mandaat dat zoveel waard is, lukt het ons niet.

In plaats van in deemoed ons hoofd te buigen, doen we triomfantelijk een beroep op jullie. Wij zeggen niet dat het ons spijt. Wij zeggen dat het aan de anderen ligt. En jullie zijn nu weer aan zet. Geen idee wat daarna komt overigens. En de groeten na.”

De Grieken worden in de steek gelaten. Door Grieken.

De Grieken in de steek gelaten

Tags

, , ,

Met verbazing het nieuws over Griekenland gevolgd. De plek waar ooit, naar eigen zeggen, de democratie is uitgevonden. Waar de democratie opnieuw wordt uitgevonden.

Eerst is er het oude sleetse stelsel waarbij via democratische verkiezingen een nieuwe partij aan de macht komt. Een partij die fel anti-Europesche instellingen is. Die met dat standpunt ook de grootste wordt en vervolgens een regering vormt. Twee charismatische mannen die als blikvanger fungeren. Tsipras en Farouvakis. Hup, de boer op, Europa in en daar op een gesloten bastion stuiten.

Tot zover normale politiek zou ik denken. Politiek is het organiseren van macht zodat je je standpunten door kunt drukken. In dat proces win je wat, verlies je wat, loop je tegen elkaar op en uiteindelijk komt er altijd iets uit. Voor de speltheoreticus Farouvakis interessant en bekend terrein.

En nu, na maanden soebatten en de wereld afreizen is er een nieuwe vondst! Het referendum, het plebisciet.

Hoe wordt het verkocht?

Grieken zijn een trots en sterk volk dat zelf kan besluiten wat goed voor hen is. Griekenland moet terug naar de oude staat van een zelfbewuste trotse sterke natie van vrije burgers. Wij zijn niemands slaaf, wordt geroepen. En dus zijn met ingang van vandaag de banken dicht en wordt er komende week een referendum gehouden.

Wat is de werkelijkheid?

Een stel incompetente idealisten is aan de macht gekomen in Griekenland. Niks mis mee. Iedereen begint incompetent en aan idealisten ontbreekt het meestal. Leer snel, weet wat je per sé binnen wilt halen en waar de ruimte zit. Beweeg mee met de oude wereld om te vernieuwen. Dát is allemaal niet gebeurd. De heren zijn steeds stijver in het pak gaan zitten. Zover dat men niets anders meer weet te verzinnen dan een referendum.

De boodschap aan het volk is deze:

“Jullie hebben massaal op ons gestemd. Jullie dachten dat wij verandering zouden brengen, verandering die hard nodig is in Griekenland. Wij zijn met optimisme en veel lawaai Europa ingetrokken met jullie mandaat. Het is ons niet gelukt vrienden te maken. Het is ons niet gelukt jullie te vertegenwoordigen. Dus moeten jullie het zelf maar uitzoeken en ons vertellen wat we moeten gaan doen. Op eigen houtje, met het democratisch mandaat dat zoveel waard is, lukt het ons niet.

In plaats van in deemoed ons hoofd te buigen, doen we triomfantelijk een beroep op jullie. Wij zeggen niet dat het ons spijt. Wij zeggen dat het aan de anderen ligt. En jullie zijn nu weer aan zet. Geen idee wat daarna komt overigens. En de groeten na.”

De Grieken worden in de steek gelaten. Door Grieken.

Delhaize: culinaire barbarij?

Tags

, , , , ,

Een van de dingen die ik erg leuk vind is winkelen in het buitenland. Vooral in supermarkten. Leclerc in Brignoles is een favoriet, de Auchan in Roncq nog een. Rondlopen tussen de strekkende meters boter, toetjes, wijn. De versafdelingen met lokale groenten of oversized onderdelen van een rund bij Les Mousquetaires in Carcès.

Kortom het buitenland lonkt omdat je wordt geconfronteerd met niet alleen andere producten maar vooral ook een andere eetcultuur.

Net over de grens kan dat ook al. Een dagje Antwerpen en dan op de terugweg boodschappen doen bij Delhaize is voor mij altijd een mooi extraatje. Delhaize heeft iets bourgondisch dat andere supermarkten niet hebben. Zo tegen de kerst vind je er politiek incorrecte ganzenlever, mooie wijnen, brioches et cetera.

Het is geen Franse supermarkt, die zijn uitgebreider, maar het is in ieder geval geen Nederland meer. Er wordt geld uitgegeven aan goed eten. Het draait niet om de laagste prijs. En het draait zeker niet om biefstukken à raison van €5,– per kilo!

Nederlanders geven niets om goed eten. Nederlanders vinden dat je moet eten om niet te sterven en dat mag niks kosten. Delhaize is hét voorbeeld van net over de grens waarbij de liefde voor een uitstekende maaltijd voorop staat.

En nu wordt het overgenomen door de grote Nederlandse grutter. En natuurlijk, we noemen het geen overname maar een fusie of whatever, maar het is een overname. Binnen tien jaar is de naam Delhaize verdwenen. Dat durf ik hier te stellen.

De vraag is of het genieten dan ook is verdwenen en dat ook België is overgegaan naar de goedkoopste oplossing voor de maaltijd. Dat ik echt door moet rijden naar Roncq om te ontsnappen aan de culinaire barbarij van korting op korting.

Ik vrees het ergste. De grote gelijkmaker is altijd aan het werk.

Economisme is goed (maar moeilijk)

Tags

, , , ,

Er bestaan heel erg veel fuzzy woorden. Woorden waarvan je in eerste instantie denkt dat zij heel helder zijn maar als je goed kijkt is dat helemaal niet zo. Veel woorden zijn grijs: vaderlandsliefde, liefde, haat, kwaliteit et cetera.

Grijze woorden definieer ik als woorden die oppervlakkig gezien een helder beeld oproepen bij mensen maar die moeilijk, vloeibaar, onduidelijk worden als je er een definitie van probeert te geven. Laat staan als je er een operationalisatie van wilt geven. Dan blijkt ieder woord een deur te openen naar leefwerelden, geschiedenissen, emoties, normen en waarden.

Neem het woord economisme.

Jesse Klaver gebruikt het te pas en te onpas als iets negatiefs. Economisme is volgens hem “dat elk aspect van ons leven (wordt) teruggebracht tot een simpele rekensom”. (klik hier)

Een bewering waar menigeen instemmend op zal reageren. Inderdaad wordt tegenwoordig alles uitgedrukt in Euro’s. Files kosten zoveel Euro, ziekteverzuim idem, blijven zitten is ook al heel duur. Economisme wordt zo identitiek aan het terugbrengen van de volheid van het leven tot een rekensom met een positief of negatief saldo. Iedere kwaliteit verdwijnt daarmee achter de economische horizon.

Maar is dat wel zo? Is het niet een opsomming van (alweer) grijze woorden?

Stel dat economisme wordt gedefinieerd als het objectief vaststellen van voor- en nadelen van gebeurtenissen en plannen en dat op basis daarvan een rekensom wordt gemaakt. Valt het positief uit dan gaan we door, negatief dan stoppen we. Een rationeel beslissingstraject waar een voorwaarde uitrolt om tot een besluit te komen.

Stel bijvoorbeeld dat de politiek als uitgangspunt heeft dat de resultaten van beleid het grootste geluk voor de meeste mensen moet genereren. Dan is een aantal stappen nodig, een aantal vragen moet worden beantwoord.

Wat is het grootste geluk? Drukken we dat uit in geld (belastingen), in extra jaren leven (gezondheidszorg), toegang tot de arbeidsmarkt (uitkeringen) et cetera? Er moet besloten worden, vooraf, wat de eenheden zijn van de rekensom.

Daarna moet besloten worden welke variabelen meewegen in het bepalen van die eenheden. Is het simpel, extra jaren leven, of ingewikkeld, extra jaren leven zonder ernstige aandoeningen?

Er moet bekeken worden wat de negatieve effecten zijn van het beleid. Stel dat roken compleet wordt verboden met een positief effect op de lengte van ons leven. Welke groepen leveren dan geluk in omdat zij niet meer mogen en kunnen roken. Hoeveel mensen zijn dat, hoe meet je het ingeleverde geluk en hoe weeg je dat in je berekening. Lastig, maar wel te doen.

Het terugbrengen van effecten in meetbare eenheden is niet simpel, wil je het goed doen, maar wel aan te raden. De uitkomst van iedere rekensom is dan input voor een besluit.

Het mooie hiervan is dat alle vooronderstellingen openbaar moeten zijn. Alle normen en waarden, alle uitgangspunten, alle cijfers. Ieder punt is op zich onderwerp van discussie. Je wordt met elkaar gedwongen helder te zijn in jouw kosten en baten, je zult met elkaar moeten discussiëren over gemeenschappelijkheden en verschillen. Je zult moeten komen tot een economistische businesscase. Zelfs over ethische onderwerpen.

Economisme dwingt zo tot helderheid, duidelijkheid en scherpte. Vooral ook over je eigen vooronderstellingen en impliciete waarden en normen. Het zou een verbetering zijn van ieder debat, vooral in de politiek.

Ik pleit dan ook voor veel meer economisme!

Haatimams zijn hip

Tags

, , , ,

Sinds enige tijd is er een nieuw woord aan de Nederlands taal toegevoegd, niet echt een verrijking maar iedereen heeft het erover: haatimams. Je kunt bijna stellen dat zij hip zijn.

Gisteren nog hoorde ik een discussie op de radio waarbij voor- en tegenstanders aan het woord kwamen. De tegenstanders van haatimams willen hen de toegang tot Nederland ontzeggen. Waarom? Omdat zij dingen zeggen die niet stroken met onze waarden en normen. Wat grosso modo ook wel zo is overigens.

De voorstander zat met volle retoriek te bagatelliseren wat er zoal beweerd wordt over homo’s, vrouwen, joden et cetera. En er wórden idiote uitspraken gedaan, die hoef je niet weg te poetsen.

Het was geen discussie maar gewoon heel luid langs elkaar heen praten. De stellingen waren ingenomen en de heren, het waren heren inderdaad, waren er met nog geen tien paarden uit te krijgen.

Wat valt me op aan deze discussie?

Allereerst de term, het frame. Dat frame is in de jaren ingeburgerd geraakt zonder te beseffen dat het een heel onduidelijke term is. Natuurlijk, het bekt lekker en we snappen wat bedoeld wordt, maar wie precies wordt er nu mee bedoeld? Dat moet je weten wil je mensen de toegang weigeren. En wanneer wordt een mening haat? En wie bepaalt dat?

Dat frame is overigens nog het minste probleem. Een groter probleem is vast te stellen wat nou precies wél en wat precies niet gezegd mag worden. De kern van een open democratie is nu juist dat er allerlei groepen en mensen zijn die dingen zeggen die niet stroken met huidige waarden en normen. Zo ontstaat namelijk verandering. Zonder dat versteent een samenleving en wordt een tweede Noord-Korea.

Dus: wanneer is iets nou zo erg, dat je er vooraf mensen de mond over mag snoeren? In Nederland gaat dat voor geen enkele uitspraak op. Nooit. Men mag alles zeggen wat men wil. Ook als men oproept tot haat. De rechter is er voor om te bepalen of het mocht volgens de wet en als dat, achteraf, niet zo blijkt te zijn dan volgt er straf.

Dat is de volgorde. Denken, spreken, al of niet strafbaar zijn en dan eventuele consequenties.

Ik vrees dat het niet anders is, hoe de ene meneer ook zijn best deed. Als iedereen met een afwijkende mening, hoe schokkend ook, de toegang tot Nederland moet worden ontzegd dan vrees ik het ergste. En wie maakt uit wat die afwijkende mening is? Vandaag de beurt aan de imams, en over een tijdje?

De kern van de opmerkingen van de tegenstander komt hierop neer: er zijn mensen die dingen zeggen die niet stroken met mijn eigen opvattingen, die dingen zijn erg, zo erg dat ik wil dat zij niet meer gezegd kunnen worden in Nederland. Omdat er dingen gezegd worden waar ik het apert mee oneens ben ontzeg ik die mensen toegang tot Nederland. Ik weet immers wat goed is en wat fout is. Ik, tenslotte, heb een mening die wel door de beugel kan.

Je voelt al direct aan dat dit soort particularisme niet echt werkbaar is. Vrijheid van meningsuiting geldt altijd voor díe meningen waar je het totaal mee oneens bent. Juist dan moet je te vuur en te zwaard verdedigen dat echt iedereen alles mag zeggen. En juist dan moet je de discussie aangaan over het doel en het effect van bepaalde uitspraken. Daarover moet de discussie gaan. Laat ieder zeggen wat hij of zij wil en bestrijdt elkaar met woorden en argumenten. Dat is het enige dat telt in een open democratie.

En anders is er altijd nog de rechter.

The best burger in town revisited

Tags

, , ,

Schreef ik vorige week nog over de beste hamburger ooit, intussen moet ik er de lekkerste saus aan toevoegen! Geïnspireerd door dit weekeinde.

Nog even het recept, en daarna de saus:

Wat heb je nodig per persoon:

200 gram kwalitatief geweldig rundvleesgehakt, liefst vers (eenmaal) gedraaid

boter

uien

broodje

Neem het vlees uit het papier en -let op!- plet het voorzichtig tegen de draad in. De uiteinden van het gedraaide gehakt moeten boven en onder zitten! Zo krijg je een heerlijke malse losse structuur. Dit lijkt een detail maar maakt het verschil.

Smelt in een goede pan de boter en als de boter bruin wordt leg je de burger erin. Laten liggen. Niet bewegen.

Snij de uien heeeeel dun en duw er wat van op de rauwe kant van de burger. Draai om en bak langzaam verder tot veerkrachtig gaar. Bak wat uien mee tot bruin.

Neem een heerlijk broodje, doe de burger erop, de uien er overheen en eventueel een beetje zout.

De saus!

Nodig per burger:

1 tl mosterd

1 tl ketchup

1 el mayonaise

1 tl kleingesneden augurk

tabasco naar smaak

O, en een laagje jalapeñopeperschijfjes op het broodje is een aanrader.

Meng alles losjes door elkaar en je hebt geweldige hamburgersaus!

Het recht op verkeerde keuzes

Tags

, , , , ,

Vandaag is in het nieuws de campagne van het KWF om kinderen meermaals per dag met zonnebrandmiddel in te smeren op een zonnige dag. Ouders moeten dat ’s morgens doen en gedurende de dag, zo om de twee uur, moeten leerkrachten dat doen.

Een zinnige campagne nietwaar: iedereen wil zijn kind optimaal beschermen.

Deze week kreeg ik van mijn huisarts een brief met een code. Ik moest allereerst mijn buikomvang meten, mijn gewicht vaststellen en vervolgens een test doen. Uit die test kan komen dat je in een risicogroep zit. Als dat zo is moet ik onverwijld contact opnemen met mijn huisarts voor allerlei tests.

Een zinnige brief nietwaar, preventie is goed.

Gisteren nog hoorde ik de weerman op de radio zeggen dat het vandaag, na veel warmte, wel eens heel slecht weer kan worden. Dat we rekening moeten houden met windstoten, hagel, ernstige regen en wat dies meer zij.

Verstandige man, je zal maar door slecht weer worden overvallen.

Twee maanden geleden kreeg ik een brief van de gemeente waarin het energielabel voor mijn huis werd vastgesteld. Op basis van gegevens van voor de verbouwing. Een waarschuwing zat erbij. Ik moest mijn huis opnieuw laten keuren want anders…

Best slim want je zal je huis maar willen verkopen met zo’n waardeloos label.

Ik kan doorgaan tot ik een ons weeg. Dagelijks vliegen mij de waarschuwingen om de oren. Vroeger betrof dat meestal reclames om mij duidelijk te maken dat ik zonder product X een waardeloos leven zou hebben.

Tegenwoordig, sinds het begin van deze eeuw, gaat het zo ongeveer om alles. Van heel klein (verkeersbord op een plek waar ik nooit ben geweest met de tekst: ‘pas op, verkeerssituatie gewijzigd!’ Wat dan? Hoe dan?) tot heel groot (mijn kind kan later kanker krijgen als ik hem nu niet goed insmeer).

Ik ga hier niet argumenteren dat je je kinderen voor de wolven moet gooien. Het gaat dan om een ander mens dat je moet beschermen. Dus doe ik mee. Maar als het over mezelf gaat? Heb ik niet het volste recht verkeerde keuzes te maken?

Ik hoor al tegengeluid: ja maar dat is slecht voor je. Of, ja maar dat kost de samenleving geld. Wat slecht is voor de mens is tamelijk fluïde: in het ene decennium staat cholesterol hoog op de agenda, in het andere vrije radicalen. Over kosten kan ik kort zijn: in leven zijn kost geld, altijd, en de dood levert nog eenmaal een kostenpost op. De eerste en de laatste jaren van een mens zijn het duurst. Ook als die laatste jaren rond mijn negentigste liggen.

Waar het mij meer om gaat is de autonomie van de mens. Het recht om keuzes te maken die momenteel als minder slim worden gezien. Wél in de zon zitten en bruin worden zonder factor 50. Níet vier keer per week sporten. Ik pleit ervoor dan ieder individu voor zichzelf iedere keuze mag en kan maken en dat als hij of zij dat doet de wijzende vinger achterwege moet blijven. Niet van degenen die van hem of haar houden maar wel van ieder ander. Autonomie is een groot goed ook al leidt dat tot een korter leven.

Het vraagt wel iets anders om autonoom te zijn: kennis. Gewoon ‘nee’ zeggen is simpel en kinderachtig. Dat is geen autonomie maar dwarsliggen. Werkelijke autonomie vereist informatieplicht. Weten waar je het over hebt, de keuzes op een rij hebben en vervolgens kiezen en doen.

Het recht op verkeerde keuzes is kortom hard werken.

The best burger: the secret

Tags

, ,

Kijk, er wordt heel veel gepraat en geschreven over hamburgers. Welke zijn lekker en welke niet. Het is echt heel simpel om de beste hamburger te maken en dat ga ik hier vertellen.

Wat heb je nodig per persoon:

200 gram kwalitatief geweldig rundvlees, liefst vers (eenmaal) gedraaid

boter

uien

broodje

Neem het vlees uit het papier en -let op!- plet het voorzichtig tegen de draad in. De uiteinden van het gedraaide gehakt moeten boven en onder zitten! Zo krijg je een heerlijke malse losse structuur. Dit lijkt een detail maar maakt het verschil.

Smelt in een goede pan de boter en als de boter bruin wordt leg je de burger erin. Laten liggen. Niet bewegen.

Snij de uien heeeeel dun en duw er wat van op de rauwe kant van de burger. Draai om en bak langzaam verder tot veerkrachtig gaar. Bak wat uien mee tot bruin.

Neem een heerlijk broodje, doe de burger erop, de uien er overheen en eventueel een beetje zout.

Doe verder erbij wat je wilt maar nooit teveel. Niet teveel saus, sla, tomaten etc. Eigenlijk is een burger op deze manier zo het lekkerst.

Hamburger

Amerikaanse oppervlakkigheid: I love it.

Tags

, , ,

Terug uit New York City. Een grandioze ervaring die ik niet snel zal vergeten. En, belangrijker, ik zal zeker teruggaan. Meerdere malen.

Vooraf van veel mensen te horen gekregen waar we allemaal moesten gaan eten, welke bars ok waren en welke dingen we allemaal moesten bezichtigen. Niet alles gedaan maar automatisch ga je toch alle highlights af. En ook de lowlights. Smerig gegeten in een Italiaanse fastfoodketen. Je zag het er niet aan af maar het was niet te doen.

De stad leeft. Daar hadden de vrienden gelijk in.

Ik was ook gewaarschuwd voor de Amerikaanse oppervlakkigheid. Iedereen vraagt hoe het met je is, alles is great maar het gaat niet echt diep die interesse. Het is niet de bedoeling dat je antwoord geeft op een samenhangende geïnteresseerde manier.

Dat was de waarschuwing. En nu de ervaring.

Het is waar. Iedereen bejegent je op dezelfde joviale manier, alles is great en het leven is verukkulluk. Ik merkte alleen al heel snel dat die jovialiteit iets met mij deed. Ik werd jovialer, makkelijker. Ik zag bij alles in dat het leven inderdaad de moeite waard is. Dat er heel veel moois schuilt in kleine zaken, zoals een bagel met cream cheese. Die oppervlakkigheid maakte dat ik lichter door het leven ging. Het is aanstekelijk. Wat ook lekker is, is het uitblijven van zware gesprekken. Die heb je niet.

De doorman bij het appartementencomplex, een oudere man van boven de zeventig, begroette ons iedere dag hetzelfde: “Hi wonderful family, have a great day.” En verdomd, je voelt je een mooi gezin en je gaat een geweldige dag tegemoet. Dat kan niet anders meer!

Het meisje dat iedere dag bij het ontbijt een sloot cappuccino klaarmaakte vertelde ik dat we na het ontbijt zouden vertrekken. “Oh no, that can’t be true. You are such a wonderful guest!”. Grote bruine ogen en een brede glimlach. Het was mooi ontbijten daar iedere ochtend bij The Bread Factory W 43 str, 9th Ave.

Is het oppervlakkig? Yep, enorm. Is dat erg? Nope.

Stel nu dat wij onze zware mentaliteit, gevormd door de wijdse blik over het oude en het nieuwe land, achter ons zouden laten. Dat we elkaar te allen tijde onverschrokken positief zouden bejegen. Dat we elkaar een mooie dag toewensen. Stel dat we dat doen, zou het leven dan in ieder geval minder zeikerig worden? Ik denk het wel.

Dus: blijf oppervlakkig in het openbare bestaan maar geef er altijd een positieve, optimistische draai aan. Het leven is mooi, voor iedereen. Iedere dag weer opnieuw zo beginnen. Laten we elkaars doorman zijn.