Liegend op weg naar 15 maart

Tags

, , , , , , , , ,

Dat politici een nogal fluïde relatie met feiten hebben is bekend. Iedereen die dit ontkent heeft zitten pitten. Van economische resultaten tot aan verkiezingsuitslagen, iedere politicus haalt er geheel volgens het cafétariamodel uit wat passend is en laat de rest liggen.

Framen van feiten

Politici weten dat feiten nooit duidelijke feiten zijn. Feiten die wel duidelijk zijn, zoals ‘dat is een rode auto’ zijn politiek niet interessant. Feiten die te maken hebben met de samenleving, de economie, het klimaat, de vluchtelingeninstroom, het onderwijs et cetera zijn politiek wel interessant. Als bijvoorbeeld blijkt dat het aantal vluchtelingen in Nederland stijgt dan zal de ene politicus erop wijzen dat de instroom in de jaren 90 veel hoger was. De andere politicus zal erop wijzen dat dit slechts de voorbode is van een tsunami van miljoenen vluchtelingen.

Hoe het werkt is simpel. Je neemt een feit en je betwist dat feit in het geheel niet. Wat je wel doet is dat feit in een bepaalde context plaatsen.

Dit effect, het framen van feiten is oud, stokoud en zal nooit veranderen. Liegen is ook van alle tijden.

Liegende politici

Lang geleden is een CDA politicus gevallen over een leugen. Dat was in mijn leven de eerste keer dat ik bewust keek naar een liegende politicus: Aantjes. Er was een feit opgedoken dat hij tijdens de oorlog in dienst van de Duitse SS was geweest en daarover had hij gezwegen. Later moest hij toegeven dat het klopte en trad af.

Dat zwijgen en dat beetje draaien schokte de samenleving en het gezin waar ik opgroeide. Wij gingen er vanuit dat politici niet logen. Naïef wellicht maar zeker een mooi uitgangspunt. Opeens moesten we aan de realiteit wennen dat ook politici liegen als het erop aankomt.

Recent is daar Tichelaar bijgekomen. Het was niet alleen dom van hem om zijn schoonzus een opdracht vanuit de provincie te geven maar het glashard ontkennen dat hij daarbij betrokken was sloeg echt alles. Dan kun je niet meer in je functie blijven. Simpel als wat.

Het goede nieuws hier is overigens wel dat uiteindelijk ons systeem een zelfreinigend vermogen heeft waardoor leugenaars ontmaskerd worden.

Naast draaiende, framende en liegende politici is er iets nieuws bijgekomen: verzinnende politici.

Verzinnende politici

Een nieuw fenomeen is het verzinnen van dingen, dingen vooral die bij nader inzien niet kloppen. Het gaat hier dus niet om het framen van een feit in jouw voordeel of gewoon platweg liegen maar om uitspraken de wereld in te slingeren en te hopen dat mensen dat dan ook geloven. Ik heb het donkerbruine vermoeden dat heel veel mensen de onzin ook nog eens echt geloven. Daarover zo meer. Laat ik eerst een paar recente voorbeelden geven.

DENK verzint dat in Nederlandse ziekenhuizen bij oudere allochtone patiënten eerder de stekker eruit wordt getrokken. Dat is pure nonsens en de brenger van dit nieuws is een slecht mens. Zoveel kwaadwillendheid is stuitend. Ik vrees echter dat zijn, Kuzu, doelgroep toch angstig wordt en denkt ‘waar rook is, is vuur’.  Dit zal zeker tot meer stemmen leiden.

Baudet van Forum voor Democratie vindt het CPB achterhaald omdat de hele gedachte van een centraal geleide economie ouderwets is. Deze zelfverklaarde intellectueel snapt niet eens dat zo’n economie in Nederland niet bestaat én dat het CPB centraal is omdat daar alle (macro) economische cijfers terechtkomen. En toch, ondanks dit soort onnozelheid heeft FvD aanhangers.

50Plus gelooft de demografische cijfers van het CBS niet, want zij hebben een blog gelezen waarin iets anders wordt beweerd. Tja. 50Plus heeft toch al een wat vermoeide relatie met feiten maar het CBS vertrouwen zij totaal niet. En dan lees je ergens iets anders, et voilá, je hebt gewoon andere feiten. Ook 50Plus heeft aanhangers, hoewel dat er wat minder lijken te worden naarmate Henk Krol vaker op tv verschijnt.

VNL bij monde van Jan Roos verklaart dat op de Hogeschool van Amsterdam de kerstbomen zijn verdwenen en dat dat een voorbeeld van islamisering is. Het bleek een compleet broodje aapverhaal te zijn dat al heel snel ontmaskerd werd. Ook VNL heeft aanhang.

Als laatste de PVV. In een interview op de Duitse tv zei Wilders dat Fortuyn door een radicale moslim is vermoord. Dat is nonsens. Ook die nonsens werd heel snel duidelijk en er kwam nog een slap verhaal van vergissen is menselijk achteraan. Dat juist Wilders de enige duidelijke radicale-moslimmoord in Nederland niet kon plaatsen is een beetje triest. You have one job denk ik dan. Toch heeft de PVV veel aanhang.

We worden beduveld en we vinden het heerlijk

Wat opvalt in mijn lijstje is dat het, op de PVV na, nieuwe partijen betreft. Blijkbaar vinden zij geen steun voor hun ideeën in de werkelijkheid en dus maken zij een alternatieve werkelijkheid. Dat is verontrustend. Verontrustender nog vind ik dat zij aanhang hebben. Aanhang die alles wegwuift of afdoet als “kritiek van linkse goedmensen en wegkijkers”. Laat duidelijk zijn dat ik graag wegkijk van onzin omdat feiten, échte feiten, veel belangrijker en echter zijn. Ieder land krijgt de politici die het verdient en blijkbaar verdienen wij verzinnende politici.

We wachten 15 maart af.

 

Uit protest PVV stemmen

Tags

, , ,

In de Volkskrant staat een artikel over mensen met een meer dan modaal inkomen. Zij hebben het geloof in de politiek verloren en gaan – uit protest – PVV stemmen. Het wekt bij mij een aantal gevoelens en emoties op.

Aandacht voor de PVV stemmer

Laat ik beginnen met de exorbitante aandacht voor alles met betrekking tot de PVV en de PVV stemmer. Stel, de PVV haalt 30 zetels dan betekent dat, dat 20% van de stemmen naar hen gegaan is en 80% niet. Uit angst om voor politiek correct te worden versleten buigen de main stream media het hoofd en gaan het land in om de PVV stemmer te vinden. Er zijn 13 miljoen stemgerechtigden in Nederland en bij een opkomstpercentage van 80% stemmen er dan 2 miljoen mensen op Wilders. 11 miljoen niet en die komen niet echt meer aan bod in de MSM heden te dage. Die aandacht is dus nogal overtrokken en minstens uit balans. Maar soit: onheil haalt de voorpagina en geluk wordt weggedrukt op pagina 18. Zo is het nou eenmaal.

Meer en meer komen er artikelen en reportages waarin begrip wordt getoond voor de PVV stemmer.

De hoger opgeleide PVV stemmer heeft meer verstand

Dat begrip komt doordat men een nieuwe groep heeft aangeboord: de beter opgeleide PVV stemmer met een goede baan in een goede buurt. Zoiets. Daar zit een deel van mijn verontwaardiging. Als je als PVV stemmer op Zuilen of in het Ondiep (mijn geboortegrond in Utrecht) woont krijg je hoogstens de ruimte wat te schreeuwen maar serieus word je niet genomen. Je hebt geen opleiding en je bent zeer onbeschaafd. Maar nu eenmaal de hoger opgeleiden zijn ontdekt, is het wat meer ok er aandacht aan te schenken. Want ja, als je een opleiding hebt genoten moet er wel een kern van waarheid in je gedrag zitten. De onmetelijke arrogantie van dit fenomeen dringt niet door tot de opiniemakers. Stuitend vind ik het. Iedere kiezer is evenveel waard en heeft evenveel recht gehoord danwel totaal genegeerd te worden.

De hoger opgeleide PVV stemmer kletst erop los

Laten we beide groepen eens vergelijken. De traditionele PVV stemmer geeft ruiterlijk toe dat te doen vanwege het hoge aantal niet-Nederlanders in zijn buurt. Het antwoord begint steevast met “ik ben geen racist, maar…” en dan komt er een minimaal naar racisme neigende uitspraak. Wat jammer is, is dat men niet gewoon zegt dat het om het weren van al het niet Nederlandse volk gaat, om te beginnen met moslims. Dát is namelijk het belangrijkste standpunt van de PVV en dáárom stemmen zij op Wilders. Verder niets. Zij kennen zijn stemgedrag niet in de Tweede Kamer want anders zou men wel twee keer nadenken. Er is geen gebouw van argumenten te vinden achter de stem. Het is heel plat. Stop de islam, en er is een democratische partij die dat ook vindt. Klaar.

De hoger opgeleide begint te mummelen over teleurstelling in de politiek en zegt PVV te stemmen uit protest. Hou toch op! Als je niet verder komt dan dat, dan ben je misschien hoogopgeleid maar niet bijster intelligent. En ook nog eens te kwader trouw. Het leven is heel simpel: óf je bent tegen de islam en dan stem je PVV óf je wilt protesteren maar dan verzin je wat anders. Als je wilt protesteren door middel van een stem op de PVV bén je ook tegen de islam. Klaar.

Hoger opgeleide PVV stemmers zijn lui

Een mens is wat hij doet. Altijd en overal. Voor jezelf ben je misschien wel je intenties – ‘maar ik bedoelde het zo goed’ – voor alle anderen in je leven ben je je gedrag. Het gedrag dat beschreven wordt in het genoemde artikel is ergerniswekkend. Wees een volwassen mens en geef toe dat je PVV stemt omdat je het met Wilders eens bent. Dat is lef. Dat is je nek uitsteken. Zeggen dat je uit protest PVV stemt is een lafhartige flodder, losse krachteloze woorden die moeten suggereren dat je erover hebt nagedacht. Dat heb je niet. De hoger opgeleide PVV stemmer is lui en slap. Geeft de schuld aan anderen (“de politiek”) en gaat dan uit protest stemmen. Vooral doen maar dan niet zeuren achteraf dat je het nooit zo bedoeld had. Je hebt het exact zo bedoeld.

De slappe elite

Als de zeer brede definitie van elite is, de bovenlaag van de samenleving waar men de dienst uitmaakt over anderen en daarin elkaar helpt (dus van politiek en publieke sector tot aan managers in het bedrijfsleven) dan is het deel van die elite dat PVV stemt uit protest een slappe elite. Kracht is je lot in eigen hand nemen, wél analyseren wat er aan de hand is en er mee aan de slag gaan. Constructief. Noblesse oblige: je leeft niet alleen voor jezelf maar ook om anderen verder te helpen. Te zorgen voor betere voorwaarden en een beter leven. Word lid van zo’n verfoeilijke partij, van de vakbond, van een bestuur en ga aan het werk. Slap is zeuren en je verantwoordelijkheid de deur uit doen. Sterk is, aan de slag gaan. Hoppa. Dát is een plicht.

Begrip en begrijpen

Als ik al die artikelen lees over hoger opgeleide PVV stemmer dan overvalt me een machteloosheid. Ook al heb ik nooit begrip voor PVV stemmers ik kan hen zo nu en dan wel begrijpen. Maar dan heb ik het over de mensen van mijn geboortegrond. Als ik lees over mensen met een goede baan en allerlei kansen ontbreekt bij mij begrip én begrijpen.

Dus verwend volkje: hup aan het werk en pak je leven beet.

 

Het einde van een lokale winkelier

Tags

, , , , ,

unnamed

Een jonge ondernemer

In mijn dorp zit, ik moet nu zeggen, zat een sigarenwinkel: Cigars ‘N More. Een kleine winkel in een wat scharrige laan net naast het centrum. Een laan met een hoge doorloop van winkels. De zaken die er al lang zitten zijn shoarmazaken, een Griek, een Japanner, een Italiaan en diverse levensmiddelenzaken. Een Turkse, een Pakistaanse. Meerdere kappers en redelijk wat kroegen. Een levendige laan, moet ik zeggen, waar ik graag kom.

Enfin, Cigars ‘N More zat daar dus ook. Een winkel die er al heel lang zat. Ooit eigendom van een wat ouder echtpaar uit Den Bosch. Voor hen werd het teveel om iedere dag op en neer te rijden en zij deden de zaak in 2010 over aan een toen 21jarige jongen. Ik vond het prachtig hoe zo’n jonge vent het aanging om een zaak over te nemen en er iets nieuws van te maken. Hij zorgde voor een nieuw assortiment sigaren bijvoorbeeld. Hij maakte een kleine humidor met een verzameling longfillers uit Cuba, Honduras, de Dominicaanse Republiek et cetera. Best uniek voor het dorp waar ik woon.

Hij investeerde in de winkel en in zichzelf. Hij ging naar Cuba om daar te zien hoe sigaren worden gemaakt en kwam terug met een licentie op zak om Havana’s te mogen importeren. Hij maakte niet altijd de meest voor de hand liggende keuzes, zoals wijn verkopen. Dat werd ook niks. We hebben veel met elkaar gepraat over assortiment en het aantrekken van klanten.

Op zaterdag kocht ik ’s morgens vroeg altijd mijn Trouw bij hem.

Tot vorige week.

Voor een gesloten deur

De zaak was gesloten en op de deur was op A1 formaat een proces-verbaal afgedrukt van een opsporingsambtenaar van de Voedsel en Warenautoriteit. Die had geconstateerd dat er sigaretten waren verkocht aan een minderjarige en dat daarom de winkel gesloten was.

Het hele verhaal stond in de lokale sufferdje. Wat was gebeurd? Hij had sigaretten verkocht aan een jongen met een ID. Die ID had hij gecontroleerd, die klopte, de jongen was 19, en hij had de sigaretten verkocht. Buiten werd de jongen opgevangen door de ambtenaar en die constateerde dat het niet zijn ID was en dat de jongen niet 19 maar 17 was. Dit was voor de winkelier de tweede overtreding in twee jaar. Al eerder had hij lege hulzen verkocht aan een minderjarige en toen had hij de boete betaald. Nu moest hij de winkel een week sluiten en €10.000 boete betalen.

Nu zijn regels er om te handhaven. Geen dispuut daarover. En ja, hij was ook naïef geweest met die hulzen. Maar iets wringt aan deze actie, of beter aan deze wetgeving. Dit is een jonge ondernemer in een plaats waar de ene na de andere winkel moet sluiten vanwege slechte resultaten. Een jonge vent die vol ideeën zit om verder te gaan met zijn zaak. Die vol vertrouwen iets verkoopt aan iemand die hem bedondert met een valse ID. Dit voelt aan als het beboeten van degeen waar ingebroken wordt omdat hij de gelegenheid heeft geboden.

De reden dat hij nu helemaal is gestopt is dat hij moeite heeft met het betalen van deze boete, het zal wel moeten, maar hij is benauwd voor de volgende overtreding. Dan is de boete naar hij zegt €100.000 en dat betekent een totaal persoonlijk faillissement. Hij durft niet meer. Hij vertrouwt er niet meer op dat hij niet nog een keer op basis van een ID een fout maakt en dat hij dan aan de grond komt te zitten.

Wantrouwen en wetgeving

Als wetgeving ertoe leidt dat die wantrouwen en onzekerheid voedt dan is er iets mis met die wetgeving. We leven al in een observatiesamenleving en dit is een van de gevolgen. Beboet degeen die overtredend handelt, die willens en wetens de boel bedondert. Niet degeen die erin stinkt. Dit is niet ok.

Ik fiets nu langs weer een gat in de winkelstraat. Het zoveelste. Dankzij een gast van 17 jaar met een fake ID.

Dat voelt niet goed.

Rotjeugd ook altijd

Tags

, ,

Bescherming van of tegen de jeugd?

Op Radio 1, bij Dit is de dag, een discussie over bodycams. Je weet wel, die handige kleine camera’s die ongemerkt heel veel kunnen filmen. In Amersfoort loopt een proef om dronken jongeren te laten filmen door de politie en die beelden later samen met de jongeren in kwestie én de ouders te bespreken.

Het panopticum in volle glorie. Ooit bedacht als fysieke gevangenis die zo gebouwd was dat je met een minimum aan bewakers een maximum aan toezicht had. Onze maatschappij is een panopticum. Als technisch iets mogelijk is om mensen te volgen in hun doen en laten dan zal dat ook gebeuren. De overheid zal als eerste het nut ervan inzien. Die camera’s zijn er opeens niet alleen meer om echte raddraaiers op film te zetten om een betere case te hebben in een rechtszaak. Nope, de camera is er om ieder afwijkend gedrag vast te leggen en tegen iedereen te gebruiken. Vooral jongeren want ja, die zijn zo kwetsbaar hè.

Zo werd het ook gebracht: als bescherming van jongeren zodat ze zouden zien wat ze deden in geval van dronkenschap en daar dan natuurlijk nooit meer aan zouden beginnen. De discussie liep over van goede bedoelingen. Echt, echt.

Altijd toezicht

Ik ken mensen die een app hebben geïnstalleerd zodat ze altijd zien waar hun kind uithangt. Mijn zoon zit op een school waar men met Magister werkt. Een online dienst waar ik zijn doen en laten geheel kan volgen. Absentie, cijfers, te laat komen, boeken niet bij zich et cetera. Zo zal er nog wel meer te bedenken zijn waarmee ouders hun kinderen kunnen volgen. Op school zelf is er ook een redelijk waterdicht systeem waarmee hij in de gaten wordt gehouden.

Naast school zitten de meeste kinderen nog op een sport. Als je daar niet op komt dagen zal de coach dat direct melden. Een huiswerkondersteuning zal idem dito doen. Massaal, ik ook, brengen wij onze kinderen naar feestjes en halen ze weer op op de afgesproken tijd. Er is geen ontsnappen meer aan.

Niets van dit alles gebeurt met verkeerde intenties. Niets. Daar ben ik ten diepste van overtuigd. Het impliciete wereld- en mensbeeld dat er achter zit is er wel een van zorg en wantrouwen. Zonder dat we dat willen.

Onvrije kinderen

Het gevolg is dat je als kind niet meer vrij bent om ongelooflijk te kloten. Niets blijft onopgemerkt. Als  ik vroeger als puber volledig lam was dan roken en zagen mijn ouders dat de volgende dag. Ze wisten al lang dat ik laat thuis was en ’s morgens riep mijn vader me wakker want ’s avonds een vent et cetera. Met een brede grijns sprak hij dan op luide en veel te vrolijke toon tegen mij terwijl mijn moeder me enigszins bezorgd bekeek. De keer erop zorgde ik ervoor dat het allemaal een tikkie minder was en uiteindelijk is het goed met me gekomen. Omdat ik vrij was.

In Amersfoort gebeurt wat we moeten vermijden. Dat verstikkende zogenaamde zorgzame gedrag maakt jongeren tot potentieel verdachten en devianten. Voor je het weet heb je een of ander syndroom aan je broek en een rugzakje. En dat terwijl degeen die echt hulp nodig hebben verdwijnen in de grote stroom. Als je iedereen verdacht maakt is uiteindelijk niemand het meer.

De jeugd moet vrij zijn. De onvrijheid komt vanzelf wel.

Cotignac, een herboren dorp*

Tags

, , ,

Afbeeldingsresultaat voor cotignac

Nog geen tien jaar geleden was Cotignac (Var) een wat armetierig dorpje. Het had qua bouw alles mee: een kleine compacte kern en een prachtige cours op zo’n twee meter boven straatniveau. Er waren wat restaurants en de mensen waren vriendelijk.
De middenstand trok echter weg en winkels sloten. Op nog geen 10 kilometer werd in Carcès een zeer lokale en kleine supermarkt verbouwd tot een echte goed gesorteerde hypermarché en die zoog de clientèle weg uit Cotignac. Toen de verbouwing een feit was ging het snel. Cotignac bood een treurige aanblik. Ik weet nog dat wij bij Brasserie Phil wat gingen drinken en er was verder niets open. Dat is dertien jaar geleden. Het personeel ontfermde zich over onze pasgeboren zoon zodat wij de handen vrij hadden. Heerlijke mensen in een desolaat dorp.
En kijk eens naar de wedergeboorte van het dorp. Als er nu op dinsdag de wekelijkse markt is in de zomer, dan moet je ver buiten het dorp parkeren. Je kunt over de hoofden lopen. Het dorp zingt weer, beweegt, is vrolijk. Niet alleen zijn er restaurants bijgekomen (zoals La Table des Coquelicots, wat stijfjes maar qua eten echt een aanrader.) er zijn restaurants op de Cours Gambetta van eigenaar gewisseld. Er is ook een hotel gekomen met allure, de Hostellerie de Cotignac. En wellicht het belangrijkste in deze ontwikkeling: de Grand Rue – ooit vol met alleen maar treurige verlaten winkels – is nu een straat vol ateliers. Het ene atelier met schilderijen en het andere met beelden. Kleurig, aantrekkelijk, vrolijk, zomers. Tegelijkertijd is er ook een kunstgalerie gekomen aan het begin van de Cours, boven de winkel van Mirabeau wijnen. Een permanente tentoonstelling van prachtkunst. Fraai opgezet en als je op dinsdag de galerie bezoekt heb je vanaf het balkon een schitterend uitzicht op de drukte van de markt. De gemeente zelf heeft ook zwaar geïnvesteerd. De Cours is enige jaren geleden geheel gerenoveerd, de Grand Rue is opnieuw bestraat en ziet er weer heel strak uit. Gemeente, ondernemers en inwoners hebben samengewerkt om het dorp weer aantrekkelijk te maken.
Het is wonderbaarlijk hoe Cotignac een draai heeft gemaakt en van ooit een verloren dorp een geweldig dorp is geworden. En waar komt dat door? Een actieve gemeente die werk maakte van het opknappen van het dorp. Wat kunstzinnige mensen die begonnen zijn met een atelier, waardoor er meer ateliers bij kwamen. En zelfs restaurant La Terrasse, een vaste plek voor ons en een onveranderlijk baken in de tijd, heeft de menukaart veranderd. Er is meer te doen, er komen meer mensen, er zijn meer inkomsten, het dorp wordt opgeknapt, er komen meer mensen et cetera.
Van Cotignac word je vrolijk en je komt er graag terug. Het bezoeken waard. Elke keer weer.

* Ook geplaatst op Côte et Provence

Politici praten poep*

Tags

, , , ,

Afgelopen maand waren er in één weekeinde diverse partijcongressen. Het format was overal hetzelfde. Een blanke man trad op en beloofde van alles, vooral op beleidsniveau. Wat gaat er allemaal veranderen in Nederland als mijn partij de grootste wordt, zo ongeveer. Waarom dat moet veranderen bleef veelal onderbelicht.

Van de een, Klaver, verwacht je wat jeugdig elan, en van de ander, Asscher, verwacht je wat meer sociale overpeinzingen. Het waarom, welke wereld willen we bereiken, bleef op de achtergrond. Sinds Kok de ideologische veren heeft afgeschud en een visie volgens Rutte een olifant in de kamer is, lijkt het wel alsof politici het grote verhaal niet meer durven vertellen. Of het gewoon niet meer weten.

Met dat weekeinde in mijn achterhoofd las ik het nieuwe boek van Marc van Oosterhout, De kunst van het kiezen’.

9200000071852632

De titel is een beetje misleidend. Immers, het gaat veel meer over de kunst om gekozen te kunnen worden. En dan ook nog eens op het niveau van Nederlandse politieke partijen. Maar ik snap dat een korte, allitererende titel beter is. Ik moet zeggen, het is een echte #leestip. Waarom?

Uitwisselbaar

Marc Oosterhout laat zien hoe je politieke partijen kunt vergelijken met (sterke) merken. Zijn stelling is dat waar sterke merken slagen klanten aan zich te binden, dat in de huidige tijd politieke partijen niet meer lukt.

Daar is een aantal redenen voor, en de belangrijkste is dat de gemiddelde kiezer van de gemiddelde partij geen clou meer heeft wáárom die partij er is (Sineks Why). Waar partijen dus vooral operationeel en strategisch communiceren, en daarin enorm op elkaar zijn gaan lijken, is de kiezer de weg kwijtgeraakt. Als iedereen uitwisselbaar is, dan wordt het steeds moeilijker gefundeerd te kiezen.

Het boek is geschreven vanuit een onverwacht en verhelderend perspectief. Oosterhout is een van de beste merkstrategen van Nederland en dat is te zien. Hij leidt de lezer door het landschap van merkenbouw. Wat komt er bij kijken om een merk neer te zetten, vorm te geven en te onderhouden. Door de voorbeelden gaat de theorie ook leven. Vooral ook door de combinatie van vier perspectieven.

Apple en Microsoft

Het eerste perspectief is dat van de why van een merk. Waarom ben je er, wat wil je bereiken en hoe vertel je dat. De cases zijn inmiddels bekend. Waarom Apple veel sexiër is dan Microsoft. Waarom Nike zo sterk is. Maar toch: het opnieuw benoemen heeft een functie.

Een tweede perspectief is dat van introvert versus extravert en individueel versus sociaal. Dit Censydiam-model geeft een mooi raamwerk met vier kwadranten, waarin de politieke partijen geplaatst kunnen worden.

Het derde gaat over associatienetwerken. Een merk is veel meer dan de directe attributies. Het gaat over associaties die het oproept en die je als brandmanager ook kunt onderhouden en versterken.

Het vierde perspectief is dat van het conflict. Als een merk een duidelijk conflict op heel basaal niveau benoemt en oplost, heeft het veel waarde. Ikea dat design voor iedereen betaalbaar maakte, wat het daarvoor niet was, is daarmee een conflictoplossend merk.

Crowded middenveld

De overstap naar het deel over de verschillende partijen loopt soepel. Je snapt als lezer waar Oosterhout naartoe wil en wat het kader is waarin partijen geplaatst worden. Per partij koppelt de auteur de analyse aan de historie van die partij. Voor lezers met een goed geheugen zijn er veel aha-momenten. Dat je denkt ‘oh ja, dat was toen en toen’, of ‘ach ja, het ethisch reveil van het CDA’. In de beschrijvingen van de partijen laat hij ook goed per partij zien waar de why er ooit was en waar het verloren is gegaan.

Aan het eind steekt Oosterhout de hand in eigen boezem. Hij concludeert dat zelfs wanneer al zijn adviezen worden opgevolgd, er nog steeds een groot probleem is. Er zijn in Nederland gewoon te veel partijen. Een crowded middenveld waar de bezem best eens doorheen zou mogen, analoog aan wat er met omroepen is gebeurd. Verplicht samenwerken tussen verschillende partijen zodat je er nog maar vier overhoudt, adviseert hij. Een leuke gedachtesprong, en tegelijkertijd de minst doordachte.

Habermas-laag

Er is één laag die ik heb gemist in het boek. Dat is wat ik maar even de Habermas-laag noem. Habermas heeft ooit geschreven over communicatief handelen. Kort samengevat stelt hij dat uitspraken begrijpelijk moeten zijn, de waarheid moeten weerspiegelen en normatief juist moeten zijn, en dat degeen die de uitspraken doet waarachtig moet zijn. Pas als aan die vier elementen wordt voldaan, is er open communicatie mogelijk.

Ik denk dat een van de oorzaken van de huidige problemen terug te voeren is op deze vier elementen. Ook als bijvoorbeeld de PvdA ‘solidariseren van Nederland’ als why zou adopteren, zoals Oosterhout terecht voorstelt, is het electorale probleem niet opgelost. Kijken we naar de vier elementen van Habermas: wát de PvdA zegt is begrijpelijk, dat het nog eens waar kan zijn is ook mogelijk (dat er zonder ingrijpen geen nieuw begin gemaakt kan worden met eerlijk delen), dat het normatief juist is zullen weinigen tegenspreken (het is juist dat armen en achtergestelden worden geholpen), het grote probleem zit in de waarachtigheid. Die is weg. En niet alleen bij de PvdA.

Meel in de mond

Politici zijn zo goed geworden in praten met meel in de mond, in het rechtpraten van wat krom is dat zij gewoonweg niet meer worden geloofd. En geloofwaardigheid is in onze fact free tijd heel belangrijk. Veel kiezers geloven politici niet meer. Iedereen herkent de avond van de verkiezingen waarop grote verliezers uitleggen dat er eigenlijk winst is behaald. Iedereen wacht op Rutte die toch een opening met de PVV ziet op de dag ná de verkiezingen. En niemand kijkt daar meer van op.

De teleurstelling in de politiek is daarin gelegen. Het een zeggen en het ander doen. Dat gaat zo ver dat zelfs het gebruik van jargon wordt gewantrouwd. Dat de nuance wordt gewantrouwd. Het wantrouwen jegens de elite is daarop gebaseerd. De elite zorgt slechts voor zichzelf en elkaar, houdt alle opties open en is onbetrouwbaar. Dat beeld. Politiek is op zich een onbetrouwbare categorie geworden.

Als het associatienetwerk van politiek als categorie dit soort negatieve elementen bevat, moet ook dat worden aangepakt. In de breedte en niet zozeer per partij. Dat heeft met de why te maken maar zeker ook met how en what.

Misschien kan Marc ook daar een boek over schrijven. En als dat dan net zo goed geschreven is als dit, dan moeten we ook dat boek gewoon aanschaffen.

*  Als artikel verschenen in Communicatie. Nr 01/02 Februari 2017

Feiten die niet leuk zijn

Tags

, , , , , , ,

De socioloog Ruud Koopmans laat in het Algemeen Dagblad weten geen woord terug te nemen van een eerder interview. De kop boven dit artikel: “Ik waarschuw niet voor niets”.  Dat eerdere interview dateert van begin januari van dit jaar. Daarin presenteerde hij een aantal resultaten van zijn onderzoeken naar de Islam en naar overtuigingen van moslims. Een van de conclusies was dat wereldwijd zo’n 50 miljoen moslims gebruik van geweld goedkeuren.

Twitter ontplofte. Zoals eerder Duitse studenten ontploft waren op de universiteit waar hij aan is verbonden. Kranten noemden het ‘diskriminierende Forschung’, discriminerend onderzoek. Op de Nederlandse radio werd gesproken over zijn onderzoek. Wat mij daarin opviel, althans in dat wat ik heb gehoord en gelezen, is dat er niet serieus werd ingegaan op zijn bevindingen. Het was óf van dik hout zaagt men planken, ‘dit onderzoek deugt niet en kijk eens wie hem heeft geïnterviewd’ (Wierd Duk),  tot aan kapotrelativerend. En vooral aan dat laatste heb ik me enorm gestoord.

Wat heeft Koopmans gedaan? Hij doet zelf onderzoek, hij gebruikt internationaal onderzoek, zoals van Pew, vergelijkt die onderzoeken en haalt daar significante resultaten uit. Die resultaten presenteert hij en hij heeft een mening over hoe het er nu aan toe gaat. Bijvoorbeeld dat als het zo is dat 5% van moslims geweld goedkeurt, Europa niet naïef moet zijn in het toelaten van islamitische vluchtelingen. Dat is een uitspraak die niet feitelijk is maar normatief.

De gevonden feiten vielen dus niet in goede aarde. In een gesprek op Radio 1 hoorde ik iemand commentaar geven op het onderzoek. Zij zei daarbij niets over de resultaten maar over het feit dat Koopmans niet ook andere groepen had onderzocht. En dat hij een analyse had moeten doen van alle oorzaken en de rol van het westen. Het is een reactie die ik meer zie en altijd betreur. Je kletst om de hete brij heen en je haalt er zoveel bij dat het eigenlijke onderwerp verdwijnt. Hoop je. Een beetje wat een puber met straf op de middelbare school doet. “Ja maar iedereen zat te kloten en het was al zo’n drukke dag en trouwens hoe deed jij dat dan vroeger? ”

Het is een oversprongreactie. Degeen die Koopmans en de interviewer aanvallen zijn lekker duidelijk. “Rot op met je resultaten die me niet bevallen” zeggen zij in feite. Dat is fight! Je hebt degenen die wegkijken en het er niet over willen hebben omdat de feiten niet uitkomen. In stilte. Dat is flight. Maar ergens er tussenin zit de reactie dat het beeld niet compleet is en dat je meer factoren moet bekijken.

Het klinkt zo redelijk. Het is zo gevaarlijk. Als commentatoren of politici dit doen ben ik altijd alert. Zij doen dit om je in slaap te sussen, om je weg te halen bij het eigenlijke onderwerp. Zij kunnen in hun voorbeelden best gelijk hebben overigens. Die mevrouw op de radio zou best gelijk kunnen hebben dat er meer onderzocht kan en moet worden. Maar dat doet niets af aan de resultaten van Koopmans. Die zijn waar. De NRC heeft het zelfs gecheckt om te kijken of hij een punt heeft of niet. Het klopt. Het is waar. De getallen kloppen, de percentages kloppen. En hoe je ook je best doet met omtrekkende bewegingen, de feiten worden niet opeens een mening. Het zijn feiten.

Zie de feiten onder ogen, laat politici in alle openheid, zonder effectbejag graag, hier een visie op vormen. Zie ook onder ogen dat feiten misschien niet leuk zijn maar wel waar en dat je er dat iets mee moet. Hegel zei ooit “als een theorie niet overeenkomt met de feiten, des te erger voor de feiten”. Dat was toen mooi. Het gaat nu gewoon om de feiten. Dus niet negeren, niet ombuigen, niet wegmoffelen, niet uitbuiten ten eigen gewin maar gewoon onder ogen zien en vooral je eigen overtuigingen toetsen. Steeds weer. Ook als dat pijn doet. Feiten die om een visie vragen en niet om een tegenwoord. Niet om alternative facts.

Feiten zijn vaak de vijand van je eigen overtuigingen.

De VS als open inrichting

Tags

, , ,

Stel je voor dat je partner ’s morgens tegen je zegt dat hij je niet vertrouwt, dat hij al een hele tijd helemaal klaar met je is en dat hij je eigenlijk verschrikkelijk vindt. Dat zal inslaan als een bom, lijkt mij. ’s Avonds komt hij thuis uit zijn werk en vertelt je hoe heerlijk je altijd kookt, hoe lief je bent, hoe hij blij is dat hij nou juist met jou getrouwd is en dat hij tot over zijn oren verliefd is op je. En dat de buurvrouw je woorden heeft verdraaid.

De volgende dag heeft hij het over dat feestje voor zijn verjaardag waar nog geen tien vrienden kwamen. ‘Het grootste feest ooit’ zegt hij. Als hij om zich heen keek zag hij alleen maar vrienden en de tafel zat ook vol. Je sputtert wat, dat veel zich hadden afgemeld. Hij wuift dat boos weg. Alsof je niet wilt dat hij een goed feest had. Dat je het hem niet gunt.

De dag erop loopt hij met hout te slepen. ‘Wat ga je doen?’, vraag je. ‘Een schutting bouwen tussen ons en de buren. Ik vertrouw ze niet en voor je het weet staan ze in onze tuin en willen meedoen met de BBQ.’

Voer voor psychologen zou je denken. De kans dat je zo’n partner blijft vertrouwen en liefhebben is niet groot. Sterker nog, ik schat zo in dat je, al dan niet in stilte, werkt aan je scheiding. Leven met een gek is moeilijk, zo niet onmogelijk.

Dat een man die ressentiment en wantrouwen tot kunst heeft verheven tot president is gekozen, zegt wat over de VS. Toch het land met een oeroude democratie, met checks and balances, met een journalistieke traditie waar we in Europa een puntje aan kunnen zuigen en een land ook met altijd een president voor iedere Amerikaan. Of het nu een democraat of een republikein was, eenmaal gekozen wist de president mensen te verbinden en in ieder geval niet uit te sluiten.

Trump zit er heel anders in. De wereld is voor hem heel simpel: je bent vóór hem en anders ben je tegen hem. Zijn ressentiment en narcisme zet hij om in beleid. Diegenen die dachten dat hij anders zou zijn, eenmaal aan de macht, vergissen zich. Hij zal dit blijven doen tot zijn laatste dag als president. Diegenen, ook hier in Europa en in Nederland, die vol bewondering kijken hoe er nu een man is die doet wat hij zegt, gaan voorbij aan wat hij zegt en zien alleen maar het doen. Luister goed naar zijn leugens en verdraaiingen en vraag je af of je met zo’n man zou kunnen leven. Ik heb een flauw vermoeden.

Feit is ook dat de VS een totaal gespleten land is en dat deze president daar het gevolg van is. Dat veel, heel veel mensen klaar waren met Washington en de gevestigde orde. Feit is ook dat Trump duidelijk maakt dat hij er niet is voor iedereen die niet op hem gestemd heeft. Die kunnen de pot op, worden afgeserveerd of achter een muur gezet. Dat gedrag zal de VS nog veel meer splijten en wat er over zal blijven is een land waarin wantrouwen regel wordt. Zo’n neurotische samenleving, die ook in ons land zichtbaar maar niet dominant is, is te vergelijken met een open inrichting. Je mag naar buiten, de straat op maar ontsnappen is niet mogelijk. De burgers van de VS en wij ook, zullen het ermee moeten doen.

Trump is een feit. De inrichting ook.

 

Dr. A. Vogel als president

Tags

, , ,

Al vele jaren verbaas ik me over het bestaan van alternatieve geneesmiddelen en alternatieve geneeskunde in het algemeen. Alternatief voor wat? Oh wacht, voor geneesmiddelen waarvan de werkzaamheid wel is bewezen en in iedere nieuwe test opnieuw bewezen kan worden. Alternatief betekent hier zoiets als “werkt vooral als je erin gelooft, maar pin me er niet op vast”.

Nu is er sinds het aantreden van Trump ook zoiets als ‘alternatieve feiten’. Kijk, nu wordt het pas echt interessant. Er zijn feiten – bij de inauguratie van Trump kwamen minder mensen dan bij Obama – en er zijn alternatieve feiten – de inauguratie van Trump is de best bezochte ooit. Nu kun je aan dat laatste twijfelen. Als je de foto’s12763356 ziet dan zie je toch echt dat er minder mensen waren. Maar, zeggen de gelovers van alternatieve feiten, dat is een kwestie van tellen en de manier waarop wordt geteld. Of, ook een argument, de tweede foto is in de ochtend genomen. Ver voor de inauguratie. Je kunt zelfs zeggen dat de foto’s bewerkt zijn. Of verwisseld. Waarom niet? De linker is Trump en de rechter is Obama. Alternatieve feiten die we moeten bekijken.

Moeten we dat?

Het is een alternatief feit dat Utrecht de hoofdstad van Nederland is met zijn meer dan 700.000 inwoners. Dat er in Nederland nog geen 12 miljoen mensen wonen en dat ik 28 jaar oud ben. Allerlei alternatieve feiten. Die overigens door iedereen als pure onzin worden herkend.

Nu is er dus een nieuwe president van de VS en die houdt er zo zijn eigen feitendatabase op na. De media zijn volstrekt onbetrouwbaar en worden bevolkt door de oneerlijkste mensen op aarde, is zijn uitgangspunt. Dus moet deze president zijn eigen feiten maken want anders worden er continu leugens over hem verspreid. Dat is echt nieuws. Nieuws omdat de machtigste man op aarde eigenlijk volkomen paranoïde is en niemand vertrouwt. Niet alleen dat, hij gelooft ook niet in een onafhankelijke pers die er is om onder andere de macht te controleren. Te checken of wat de overheid vertelt wel echt waar is. Of het klopt.

En dat al op de dag van inauguratie. Dat belooft veel voor onze gezamenlijke toekomst. Een president die niet gelooft in feiten maar geheel vaart op een eigen weergave van de werkelijkheid. Een president die moet beslissen of er wel of niet moet worden ingegrepen in een ander land bijvoorbeeld. Nu is hij niet de eerste die vaart op leugens. Wie herinnert zich niet Colin Powell die bewijs had voor het bestaan van massavernietigingswapens van Saddam Houssein. Later bleek dat totale onzin te zijn. Zo is er in de politiek vaker sprake van het aanpassen van de werkelijkheid ten eigen faveure. Zo openlijk als nu het geval is, is nieuw. Althans in de VS. In Europa hebben we er in het verleden ervaring mee opgedaan.

Maar kijk er ook eens naar vanaf een zonnige kant. Als er alternatieve feiten bestaan dan kun je daar ook heel veel mee. Niet alleen kun je homeopathie beter verkopen maar ook de wiskundetoetsen van mijn zonen zullen alle opeens op een 10 uitdraaien. De NS zal nooit meer te laat zijn. De chirurg die het verkeerde been amputeert, amputeert opeens het goede been. Het CPB constateert 15,8% jaarlijkse groei van de economie. Werkloosheid bestaat niet meer. Zo kan ik nog heel lang doorgaan.

Ik ben dus erg voor alternatieve feiten zolang ik ze maar te pas en te onpas mag kiezen en gebruiken. Geheel naar eigen inzicht. Als Trump dat mag dan mag iedereen dat natuurlijk ook. We leven dus opeens niet meer in een fact-free tijdperk, of in een post-facts tijdperk maar in een parallelle-feiten tijdperk. Alternatieve feiten die ook waar zijn. Die waarder zijn dan welke feiten ook. Die de werkelijkheid op grote achterstand zetten. Trump is een homeopathische president.

Dames en heren, de nieuwe president van de VS: Dr. A. Vogel.

Jesse Klaver en het Pretentialisme

Tags

, , , ,

Iedereen kent het gevoel. Je had als kind maar één doel in het leven en dat was popster worden. Of astronaut. Of brandweerman. Of schrijver. Of beroemd. Doet er niet toe wat, de droom was er en je kreeg er energie van. En een gevoel van onoverwinnelijkheid, want je zou uiteindelijk ook astronaut worden natuurlijk. De zon scheen iedere dag en huppelend liep je van school naar huis. In de wetenschap dat je op weg was naar roem of heldendom. Of beide.

Iedereen weet ook dat de werkelijkheid een beetje te vormen is door je alvast te gedragen zoals je het wilt hebben. Als je in juni al in vakantiekleding rond gaat lopen voelt de vakantie al een stuk dichterbij. Als je je in je loopbaan al als manager gaat gedragen, dan is er een redelijke kans dat je bij de volgende vacature in aanmerking komt voor die functie. Als je je bij de bakker op een drukke zaterdag bescheiden opstelt, dan heb je kans dat je als laatste, na de drukte, wordt geholpen. Dan voel je je over het hoofd gezien omdat je je hoofd niet hebt opgeheven. Je bent het al een beetje als je je zo gedraagt. En nee, dit gaat niet voor alles op.

De combinatie van het hebben van een doel én je al volledig zo gedragen heet  pretentialisme. Het is iets anders dan pretentieus zijn: dat is namelijk je voordoen voor iets wat je niet bent en wat waarschijnlijk ook buiten je bereik ligt. Pretentialisme is nu juist het binnen je bereik brengen van een groot doel door het gewoon al te doen.

Zo hadden mijn beste vriend en zijn vrouw ooit een pretentialistische keuken. Heel klein in een klein huis in een Utrechtse buurt. Die keuken gedroeg zich als een heel grote keuken met allure en plek voor heel veel spullen en heel veel vrolijke vrienden. Objectief gesproken onmogelijk, in de praktijk bleek het te kunnen. De keuken had een doel, groot en vooral ruim zijn, en gedroeg zich al zo.

(Het pretentialisme is ontstaan in Parijs in de Rue Descartes bij La Maison de Verlaine, op een herfstige avond omstreeks 1983. Het restaurant zelf was ook erg pretentialistisch overigens, en heeft nu gemiddeld 4,5 ster bij Tripadvisor.)

Ik moest aan dit alles denken dit weekeinde toen ik las over Jesse Klaver. Hij  wil niet alleen aan JFK doen denken, hij wil ook premier worden. En zie wat gebeurt: zijn partij stijgt in de peilingen dankzij deze ambitie. Hij is daarin zeker niet pretentieus maar ronduit pretentialistisch. Door het uit te spreken én door zich zo te gedragen -mooie speech, brede visie, voor iedereen willen zijn- is hij al bijna premier. Hij hoeft het alleen nog maar te worden. Ik bewonder dit gedrag zeer.

De overige partijen schikken zich naar de werkelijkheid van alledag. Peilingen vormen de referentie voor alle uitingen. Men reageert op anderen. Men laat zich door anderen definiëren en reageert daarop. Klaver niet. Die heeft een idee en een plan en spreekt dat uit. Gaat daarop preluderen. Als je je idealen wil verwezenlijken dan kun je maar beter premier zijn, heeft hij gedacht. Dus, waarom niet?

Dat hoongelach hem ten deel valt, doet er niets toe. Het siert hem dat hij ten diepste beseft hoe het werkt. Als je iets wilt worden dan kun je maar beter alvast zo gedragen.

Op een dag is Jesse Klaver premier.