
Het moest nu toch echt: een eigen rekening in Frankrijk. Tenslotte moeten al die lasten ook ergens kunnen worden afgeschreven. Gelukkig zitten we niet eens in de duurste gemeente. En dus besloten we de stap te zetten. Het leek zo simpel: een rekening openen in je eigen dorpje in de mooie Var.
Anders dan in Nederland, is hier nog gewoon een bankfiliaal met echte mensen. Er is ook een guichet en dat is laatst nog helemaal vernieuwd. Heeft even geduurd maar het ziet er weer spic en span uit. Nog steeds met de ochtendzon op het scherm, dus heb je geen idee wat je aan het doen bent.
We liepen naar binnen en wilden graag iemand spreken. Dat ging niet want we hadden geen afspraak. Zeker, er liepen voldoende mensen rond, maar we hadden met geen ervan een afspraak. Niet getreurd, eenmaal terug in Nederland belden we en vervolgens liep alles zeer simpel. Een aardige mevrouw, Julie, belde terug en de afspraak was een feit. In een mail kregen we te horen wanneer we konden komen en wat we bij ons moesten hebben.
Geen probleem. In de week voorafgaand aan onze afspraak had ik alle benodigde documenten gemaild. Echt álle documenten. Uit de krochten van de cloud en kasten tevoorschijn getoverd. Van de laatste belastingaangifte tot aan het trouwboekje. Alles was er. Nu alleen nog een rekening openen, dachten we.
Op de dag van de afspraak wandelden we naar ons dorp, we waren te vroeg dus dronken we nog koffie op het terras van Bar Le Central. Om tien uur stipt liepen we naar binnen. En ja hoor, daar was Julie. Ze sprak redelijk snel Frans en voor alle technische zaken ook een soort Franglais. Dat bleek erg handig te zijn. Want waar wij nog dachten dat we in een half uurtje klaar zouden zijn, was het uiteindelijk een tikkie anders.
Stuk voor stuk moesten alle documenten nog worden verwerkt, dossiers werden aangemaakt, besluiten werden genomen over welke info waar moest komen, het systeem zei non, de printer deed het even niet, enzovoort. En dat met veel ‘bof’, ‘bah’, getuite lippen, opgetrokken wenkbrauwen en gezucht. Julie liet zich niet uit het veld slaan en wij zaten braaf voor haar bureau. Geen kopje koffie of zo, gewoon braaf wachtend.
Een uur en drie kwartier later, het was inmiddels kwart voor twaalf, liepen we weer naar buiten met een grote witte map onder de arm. En een eigen rekening. Dit had ik veertig jaar geleden niet kunnen dromen. Wonend in Parijs zonder een sou, in een oud woonhotel. Hier liep ik, het mannetje met een eigen bankrekening.
Overigens maakte ik voor we de deur uitliepen, nog even snel een foto van de beruchte cheque die in dit land nog gewoon wordt gebruikt. Die middag rekende een mevrouw in Les Mousquetaires af met zo’n cheque. Dat duurt dan een minuut of vijf voor er betaald is. Ter identificatie toverde ze een ouderwetse permis de conduire tevoorschijn, zo’n roze in drieën gevouwen papiertje. De jaren 80 belden even aan.
Frankrijk heeft nog niet helemaal de aansluiting gevonden bij een door internet gedomineerd wereld. Altijd weer blijken er restanten te zijn van de wereld die was. Niks mis mee, je moet er alleen weer even aan wennen en dan is het goed. Onthaasting is hier verplicht. Beter voor je hart ook. Zelfs wachten in een bankfiliaal is dan een klein ritueel.
Nu de rekening nog vullen.