Zo, het rapport over de kindertoeslagenaffaire is gepubliceerd. De inhoud is bekend. De verontwaardiging is alom. Die verontwaardiging was er al lang bij de getroffen ouders. Eén foutje en de hele toeslag werd teruggevorderd. Niet eens een foutje, het kon ook een slordigheid zijn.

Hele gezinnen zijn zwaar gedupeerd en het was al jaren bekend dat dat zo was. De Ombudsman heeft er al jaren geleden (2017) over gerapporteerd. En het ging gewoon door. Week in, week uit.

De topambtenaren die werden verhoord blonken uit in het ontlopen van iedere verantwoordelijkheid. Als je aan de top zit, zit je daar omdat je verantwoordelijk bent. Altijd wel en nooit niet. Deze mensen straalden uit dat het nooit aan hen had gelegen. Altijd aan een ander. Dat ze ook buikpijn hadden maar ja, wat doe je daarmee hè. Hier zat aan tafel wat Heidegger ‘das Man‘ noemt. Het Men is dat waarnaar iedereen kan verwijzen en waarbij niemand zal zeggen “dat heb ík gedaan”. Niemand die verantwoordelijk is.

Dan denk je: ok, als ambtenaren kennelijk zo worden gevormd, (wel hoog in de boom en gewichtig doen maar als het misgaat reageren als een kind dat wordt betrapt met zijn hand in de koektrommel) dan zal onze premier wel verantwoordelijkheid en eigenaarschap tonen.

Niets is minder waar.

Tijdens zijn ondervraging sprak Rutte van een bal die richting afgrond ging en niemand die ingreep. Mijn mond zakte open. Ik dacht: dat is jouw werk toch? Dat werk dat je zelf altijd een baan noemt, de taak om toezicht te houden op fatsoenlijk beleid dat jouw ambtenaren uitvoeren. En niemand greep in. Ook Rutte niet. Zelfs Rutte niet. Juist Rutte niet.

En daar nog eens bovenop: de shit was groot voor hen die De Vries heetten, maar nog veel groter was de shit als je niet zo’n Nederlandse naam had. Dan werd er extra op je gelet en was het ingrijpen sneller en harder.

We zitten opgescheept met een overheid die zijn burgers ten diepste wantrouwt en veracht. Het is sneu slecht volk dat de kantjes er vanaf loopt en altijd uit is op het belazeren van de overheid. Het liefst bouwt onze overheid aan een panopticum waar iedereen altijd in de gaten kan worden gehouden en geobserveerd. Waar de straf voor niet het juiste doen binnen het overheidssysteem excommunicatie is. Het stopzetten van je toeslagen is zo’n excommunicatie. Als je je niet houdt aan de systeemeisen pleeg je een wandaad.

En als de overheid er niet meer onderuit kan, Groningen, dan komen er tranen, snikkende toespraken, handen op schouders en ferme taal. We gaan het regelen! Snel! We richten een commissie en een loket op met ambtenaren die nu eens out of the box denken en gaan handelen. Echt. Er komt een regeringscommissaris en die gaat het regelen. Er komen tafels waarin iedereen aan het woord komt. We staan dichtbij jullie, burgers, we houden van je en we gaan voor je zorgen.

De rest is geschiedenis. Zwarte geschiedenis.

Wat een mazzel voor hen die genoeg verdienen dat zij niet van de overheid afhankelijk zijn voor hun voortbestaan. Die het zelf kunnen regelen. Of beter nog: wat een mazzel als je een multinational bent die een ruling kan afspreken met de belastingdienst. Een ruling voor modaal, ik ben haar nog niet tegengekomen.

Ik ben verontrust.

Een samenleving bestaat bij de gratie van een sociaal contract tussen burger en overheid. De overheid zorgt goed voor de burger en in ruil gedraagt de burger zich fatsoenlijk. Een mooi evenwicht waarin de verantwoordelijkheden verdeeld en aanvullend zijn.

Onze overheid heeft dit contract eenzijdig opgezegd.

Onze overheid krijgt dus de burgers die men verdient. In het beste geval onverschillig of berustend. Van die burgers heb je als overheid tenminste geen last. Dat is fijn. In het slechtste geval cynisch en actief. Dat is lastig voor een overheid die niet houdt van gedoe. Dat soort burgers leveren gedoe op. Ze stemmen op verkeerde partijen, ze komen in opstand, ze gaan naar de rechter. Ze passen niet in de structuur van de overheid die gericht is op disciplinering. Niet op vrijheid.

Het wordt tijd voor een nieuw sociaal contract. Een contract waarin de burger weer de belangrijkste in het systeem is en de overheid dienend en deemoedig. Waar de eerste vraag van iedere ambtenaar is, “hoe kan ik je helpen?”.

Dat nieuwe contract gaat er nooit komen met een partij en een premier die hun eigen bal richting afgrond duwen en dan kijken wie er ingrijpt.

Verkiezingen zijn nabij.