
Tja, ik moet toegeven, ook ik ben senior. Ik word ouder en ouder. Dat is goed want het alternatief is slecht. Er niet meer zijn. De paradox is natuurlijk dat ik nooit dood kan zijn, zoals ik bijvoorbeeld moe ben, vrolijk ben, chagrijnig ben. Ik zal nooit kunnen zeggen ‘ik ben dood’.
Maar wat ben ik dan nu? Op dit moment? Hier achter mijn bureau in Zeist met uitzicht op het groen rondom mijn huis?
Daarover ging de voordracht van Ger Groot in het Torenlaantheater afgelopen week. Weer een bijeenkomst van de Algemene Seniorenvereniging Zeist. Eerder al eens een voordracht gehad over Heidegger en dan nu mijn meest favoriete filosoof: Jean-Paul Sartre.
Groot heeft een lezing van Sartre, l’Existentialisme est un Humanisme, uit 1945 opnieuw vertaald en precies die lezing was het onderwerp van de middag.
De zaal zat vol. Met senioren. De voordracht was én informatief én onderhoudend. Filmfragmenten uit de jaren 50, muziek, en veel inhoud. Groot is een echte verteller.
En wat mij opnieuw raakte was het gevoel dat ik had toen ik voor het eerst iets van Sartre las: verhip, zo is het! De mens is vrij, kan zich nergens achter verschuilen en is verantwoordelijk voor alles wat hij doet of nalaat. Je kunt je niet verschuilen achter de wet, God of je karakter. Al dat is je eigen bouwwerk. Jij bent tot vrijheid gedoemd en dat maakt het leven lastig. En open!
Nu, bijna 50 jaar na mijn eerste ervaring met Sartre, is dat nog steeds springlevend in mij en de manier waarop ik naar mensen kijk. En ach, beiden zijn wij milder geworden. Sartre al in de jaren 60 met zijn ‘Critique de la Raison Dialectique‘ waarin hij schrijft over mensen die samen voor iets kunnen strijden. Niet als eenling tegenover elkaar, maar als groepslid met elkaar. In mijn leven is Levinas erbij gekomen, voor wie het Gelaat van de Ander een beroep is op mijn moraal en humaniteit. Ik ben ook zachter geworden. Maar vooral uit pragmatisme, want we hebben elkaar nodig in dit leven.
Grond bij mij blijft dat iedereen zelf verantwoordelijk is voor zijn daden. Zo keek ik en zo kijk ik naar mensen en mezelf. Voor mij maakt dat mensen groot, belangrijk en kwetsbaar. Die houding is heel krachtig. Zoals Marx al 100 jaar voor Sartre schreef: de mens bouwt zijn eigen leven en maakt gebruikt van de bouwstenen die er al zijn. Ik denk in het Nederlands, ik maak gebruik van alles wat voorhanden is, mijn familie en afkomst zijn mij gegeven, de universiteit waar ik studeerde bestond al, alle infrastructuur en cultuur waren al aanwezig. Alles. Maar mijn handelen is mijn handelen. Ik kan nooit zeggen ‘dat komt door mijn opvoeding’ of iets dergelijks. Ik kies er zelf voor mijn opvoeding een rol te laten spelen in mijn leven en toekomst. Ík doe dat. Verder niemand voor mij.
Dat geldt voor ieder van ons. Vanuit die vrijheid kunnen we zinvol met elkaar leven. Zonder uitvluchten of excuses. Open, zoals we zelf kiezen in wie we willen zijn.
Die voordrachten zijn zinvol en leuk. Ik blijf komen en blijf verrast worden. Deze senior kan tevreden terugkijken op een mooie donderdagmiddag.