Dodenherdenking is voor mij altijd een bezoeking geweest. Ik daar eerder over geschreven. De oorzaak daarvan was het oorlogsverleden van beide ouders, waarbij dat van mijn vader de meest prominente rol vervulde.

Niet door erover te praten, maar door erover te zwijgen. En dan vooral rond deze dagen in mei.

Een zwaar zwijgen. Rondlopen, ijsberen, slapeloosheid, geprikkeldheid en ook een overlopende emotionaliteit. Alles bij elkaar maakte dat deze dagen voor mij eerst onbegrijpelijk, daarna verwonderlijk en toen ik eenmaal wist wat hij had doorstaan begrijpelijk en zwaar. Vol liefde en deemoed kijk ik nu terug op al die jaren.

Achtenveertig jaar heb ik meegemaakt hoe de oorlog mijn vader had beschadigd. En soms zei hij iets over het kamp. Dat het er veel erger was dan hij ooit zou kunnen vertellen. Dat de wreedheid ondenkbaar groot was. Dat hij moest toekijken terwijl zijn kameraad werd doodgeslagen door teveel Duitsers om er iets aan te kunnen doen.

4 Mei is voor mij een heel belangrijke dag. Een stilte, een pauze in het leven van alledag waarin ik, waarin we weer even stilstaan bij onze ouders, opa’s en oma’s, bij alle Sinti en Roma, alle homoseksuelen, alle Jehova getuigen en bij zes miljoen keer één Jood die allen zijn vermoord op een rationele, fabrieksmatige manier met maar een doel: deze ‘rassen’ en ‘ongewensten’ van de aardbodem verwijderen.

Er is nu commotie over 4 mei. Die is er al jaren en daarin heb je de rekkelijken en de preciezen. Die laatste groep wil dat 4 mei alleen gaat over de gevallenen in de Tweede Wereldoorlog in Europa. De rekkelijken vinden dat ook Indiëgangers en gevangenen moeten worden herdacht en uiteindelijk iedere Nederlander die in een oorlogssituatie het leven heeft gelaten.

Die rekkelijkheid is heden te dage nog veel te smal en precies. De vraag die er nu is of er niet ook moet worden stilgestaan bij óf 7 oktober 2023 óf Gaza óf beide. En daar houdt de rekkelijkheid dan weer wel op, want het gaat niet over Soedan, Congo, Myanmar en noem maar op.

Was Dodenherdenking een plechtig, statig, mooi en ontroerend moment in het jaar, door deze discussies en de felheid waarmee het debat wordt gevoerd is 4 mei een dag van exclusie, van uitsluiting geworden. Een dag van pijn voor hen die hun groep niet herdacht zien worden. De vierde mei is een schuldige dag geworden.

Men mag erover denken zoals men wil, want dankzij mensen zoals mijn vader zijn gedachten geheel vrij in Nederland, zelfs als je ze uitspreekt. Wat ik ten diepste voel is een afkeer van, wat ik maar noem, het podium pakken voor het eigen gelijk zonder te denken over de consequenties daarvan op een bestaand ritueel. Want een ritueel is het, de Dodenherdenking. Een heilzaam ritueel.

Het is me ontnomen.