Hoe ik over BOA’s of politie met een religieus kledingstuk denk heb ik al eens geschreven en mijn standpunt is duidelijk: tegen.

In de huidige discussie in Amsterdam is iets vreemds aan de hand. Lees onderstaand artikel eens:

Hoewel er veel op tegen is, acht het bestuur van Amsterdam de handhavers professioneel en onpartijdig genoeg om hun werk te doen, ongeacht hun uiterlijk.

Het argument is dus: zij die tegen zijn hebben een mening maar die mening is niet juist want wij denken dat de BOA’s hun werk gewoon goed gaan doen. Mind you, BOA’s die hun geloof belangrijker vinden dan de seculiere staatsinrichting in Nederland.

Het vreemde, of oneigentijdse, van deze mededeling, is dat we in een tijd leven waarin oordelen net andersom zijn. Als er iemand is die claimt dat het gedrag van een persoon ‘grensoverschrijdend’ (een volstrekt niet nauwkeurige term) is, dan krijgt de claimer altijd gelijk. Dat wil zeggen dat de grensoverschrijder een fors probleem heeft en aan moet tonen dat het niet klopt.

Terug naar de religieuze BOA’s: daar wordt nu tegengesteld geredeneerd: als ik claim dat het dragen van een religieus hoofddeksel grensoverschrijdend is, wat ik vind, dan wordt mij gevraagd uit te gaan van het goede en het juiste en niet zo te zeuren.

Blijkbaar worden argumenten wisselend gebruikt om een doel te dienen en niet als vaststaand ethisch argument. Zoals het ons uitkomt, zo praten we. Met het bestuur van Amsterdam voorop.

Disclaimer: ik poneer hier wel een mening over hoofddeksels, niet over grensoverschrijders.